In den beginne…

…van deze eeuw had Lord Baden Powell een spel voor de jeugd bedacht en om dat te toetsen werd er in 1908 op Brownsea Island een proefkamp georganiseerd. Dit proefkamp was in Engeland het begin van Scouting. Binnen twee jaar had men meer dan honderdduizend leden. Een dergelijk succes werd ook in die tijd snel opgemerkt en in 1910 verscheen van de hand van Willem van Hoytema het boekje "Op Hollandse Jongens, naar buiten" met daarin veel ideeën uit "Scouting for boys" van Baden Powell. In de zomervakantie van dat jaar organiseerde Willem van Hoytema een proefkamp op de Waalsdorpervlakte in Den Haag. De eerste Nederlandse Scoutinggroep was een feit. Aan het eind van 1910 telde de groep reeds 40 "padvindersleerlingen".Ook een Amsterdamse journalist interesseerde zich in datzelfde jaar voor de "Boy Scouts" en hij ontving een Engelse patrouille die op propaganda tocht was door België en

 Lees verder>>

Stichting Vrienden van Scoutinggroep  De Zwervers Assen
Hidskes en van Echten - coll. G. Hidskes.jpg
1982  Jubileum Vioolgroep2.jpg
1937 Jamboree logboek voorblad.jpg
1929 2 maart Troeplokaal Oosterhoutstraat.jpg
© 2010-2022  Stichting Vrienden van Scoutinggroep De Zwervers  Assen                                                                                                                                                          webmaster: HLdG
Padvindsters in De Spil 1997.jpg

Nederland. De komst van deze jongens had tot gevolg dat eind 1910 ook in Amsterdam een groep werd opgericht. Op 7 januari 1911 werd officieël de Nederlandsche Padvindersorganisatie (NPO) opgericht. Het toeval wil dat op dezelfde datum in Den Haag de officiële oprichting plaatsvond van een andere organisatie welke voortkwam uit de groep van Willem van Hoytema. Dus Nederland had meteen twee Padvindersverenigingen.

 

De NPO kwam sterk in het nieuws door de uitgave van het blad "De Padvinder", dat wekelijks verscheen. Dit blad had een enorme propaganda waarde voor Scouting en overal in Nederland werden zgn. plaatselijke comité's opgericht. Op 4 februari 1911 kwam dr. Lingbeek (de Nederlandse Baden Powell) naar Assen om een lezing te houden over de padvindersbeweging. Dit op uitnodiging van de afdeling Assen van de vereniging "Schoonheid in opvoeding en onderwijs". Kennelijk had de lezing de gewenste uitwerking want staande de avond werd een plaatselijk comité‚ opgericht en op de gereedliggende lijst werd die avond ingetekend door 36 "jongelieden". In "De Padvinder" van 24 april van 1911 verscheen de mededeling dat de heer Lels zo welwillend was geweest om het koetshuis voor de padvinders beschikbaar te stellen:

"Uit Assen:

Het Comité te Assen der Nederlands Padvinders Organisatie is er gelukkig in geslaag een clublokaal te verkrijgen. De heer J. Lels is nl. zoo welwillend geweest zijn keurig en ruim koetshuis, gelegen in het centrum der gemeente, voor de Padvinders beschikbaar te stellen vanaf half Mei A.s. des Woensdags- en Zaterdagsmiddags van 2-5 uur. De daarin aanwezige schaafbank mag door de Padvinders gebruikt worden. Moge dit goede voorbeeld ook elders navolging krijgen."

Een bericht van 8 juli maakt melding van de installatie van de eerste Asser padvinders. Hiervoor was zelfs een lid van het Hoofdbestuur naar Assen afgereisd. Het is opvallend dat in de begin periode diverse officieren van het Asser garnizoen bij de leiding actief waren. De hele gang van zaken had nogal een militaristisch tintje. In 1918 komt de heer Linthorst Homan als commissaris der Koningin naar Assen. Zijn twee zoons worden lid van de troep. In dezelfde periode wordt het clubhuis verplaatst van het Koetshuis van Lels naar het Koetshuis van Linthorst Homan aan de Kloosterstraat. In 1915 fuseerden de Haagse en Amsterdamse organisaties en gingen verder als "De Nederlandsche Padvinders" (NPV).